ECLI:NL:RBUTR:2012:BV9014
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- M. ter Brugge
- G.C. van Gelein Vitringa-Boudewijnse
- M. Stapels-Wolfrat
- Rechtspraak.nl
Onvoldoende gemotiveerde aanwijzing van Drogisterijcollege als examenbevoegde instantie
De minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport wees het Drogisterijcollege aan als examenbevoegde instantie op grond van de Geneesmiddelenwet (Gnw). Eiseres, Stichting Drogistenfederatie Pharmacon, maakte bezwaar tegen deze aanwijzing en stelde dat het college geen rechtspersoon was en dat het besluit onvoldoende was gemotiveerd.
De rechtbank stelde vast dat de wetgever bewust geen specifieke opleidingseisen of certificeringseisen had vastgelegd om deregulering te bevorderen en dat de minister slechts bevoegd is om examenbevoegde organisaties aan te wijzen zonder een beleidskader te hoeven vaststellen. Wel moet elk besluit gemotiveerd zijn, zodat inzicht wordt gegeven in de afwegingen en de toepassing van beginselen als rechtsgelijkheid en rechtszekerheid.
De rechtbank oordeelde dat het bestreden besluit onvoldoende gemotiveerd was omdat de minister niet duidelijk maakte waarom Drogisterijcollege voldeed aan de redelijke voorwaarden en niet inging op de verwevenheid tussen opleiding en examinering die de onafhankelijkheid zou kunnen beïnvloeden. Daarom werd de minister in de gelegenheid gesteld het gebrek binnen zes weken te herstellen.
De rechtbank hield iedere verdere beslissing aan tot de einduitspraak en wees erop dat tegen deze tussenuitspraak nog geen hoger beroep openstaat, maar dat hoger beroep tegelijk met de einduitspraak kan worden ingesteld.
Uitkomst: De rechtbank stelt de minister in de gelegenheid het gebrek in de motivering van het aanwijzingsbesluit te herstellen en houdt verdere beslissing aan.