ECLI:NL:RBUTR:2012:BW2276
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering exploitatievergunning seksinrichting wegens zakelijk samenwerkingsverband met betrokkenen bij mensenhandel
Eiseres vroeg een exploitatievergunning aan voor het exploiteren van een seksinrichting in Amersfoort. Verweerder weigerde deze vergunning op grond van de Wet Bibob omdat aannemelijk was dat eiseres een zakelijk samenwerkingsverband had met personen die betrokken zijn bij strafbare feiten, waaronder mensenhandel.
Eiseres maakte bezwaar en verzocht om voorlopige voorzieningen, welke werden afgewezen. De rechtbank oordeelde dat het verslag van de hoorzitting tijdig was verzonden en dat eiseres niet aannemelijk had gemaakt dat zij door de late toezending in haar procesbelangen was geschaad.
De rechtbank stelde vast dat er voldoende aanwijzingen waren voor een zakelijk samenwerkingsverband tussen eiseres en een persoon die betrokken is bij mensenhandel, mede gebaseerd op huurovereenkomsten, aanwezigheid tijdens politiecontroles en gezamenlijke procedures. Eiseres kon niet aannemelijk maken dat dit samenwerkingsverband was beëindigd.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht de vergunning heeft geweigerd omdat er een ernstig gevaar bestond dat de vergunning mede zou worden gebruikt voor strafbare feiten. Het beroep werd ongegrond verklaard en de proceskosten werden niet toegewezen aan eiseres.
Uitkomst: De rechtbank wees het beroep af en bekrachtigde de weigering van de exploitatievergunning wegens een zakelijk samenwerkingsverband met betrokkenen bij mensenhandel.