ECLI:NL:RBUTR:2012:BW2931
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen omgevingsvergunning kantoorgebouw en doelgroepengarage Leidsche Rijn
Verzoeksters, eigenaren en beheerders van kantoorruimte in Utrecht, stelden bezwaar tegen de omgevingsvergunning die aan AM B.V. was verleend voor de bouw van een kantoorgebouw en doelgroepengarage in Leidsche Rijn. Zij voerden onder meer aan dat zij geen belanghebbenden waren, dat de vergunning onrechtmatig was verleend wegens niet-publicatie en overschrijding beslistermijn, en dat het stedenbouwkundig plan tekortschiet in onderbouwing en inpassing.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoeksters wel belanghebbenden kunnen zijn, gelet op hun eigendom en economische belangen, maar dat de vergunning niet onrechtmatig is verleend. De beslistermijn was tijdig verlengd en de niet-publicatie van de aanvraag leidde niet tot schending van belangen, omdat belanghebbenden voldoende gelegenheid hadden tot zienswijzen en bezwaar.
Het stedenbouwkundig plan schiet op onderdelen tekort, met name in de onderbouwing van de inpasbaarheid van het kantoorgebouw en de doelgroepengarage in de integrale uitwerking van het gebied. Deze tekortkomingen kunnen echter mogelijk worden hersteld in de bezwaarprocedure. De belangen van vergunninghoudster bij voortzetting van de bouw wegen zwaarder dan het spoedeisend belang van verzoeksters.
Daarom ziet de voorzieningenrechter geen aanleiding om een voorlopige voorziening te treffen en wijst het verzoek af. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de omgevingsvergunning wordt afgewezen.