ECLI:NL:RBUTR:2012:BX1185
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak bezwaar legesheffing ID-kaart wegens schending hoorplicht
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen de heffing van leges voor de aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart, waarbij verweerder het bezwaar ongegrond verklaarde. Eiser stelde dat de uitspraak op bezwaar onbevoegd was en dat hij niet gehoord was, ondanks zijn verzoek daartoe. De rechtbank constateerde dat verweerder de hoorplicht had geschonden, wat een grond voor vernietiging van de uitspraak op bezwaar vormt.
De rechtbank oordeelde echter dat het niet horen van eiser niet tot terugverwijzing leidt omdat verweerder geen beleidsvrijheid heeft bij de toepassing van de legesverordening en de hoorzitting geen ruimte biedt voor discussie over politieke keuzes. Daarnaast oordeelde de rechtbank dat de reparatiewet, die met terugwerkende kracht een grondslag voor legesheffing voor ID-kaarten introduceert, rechtmatig is en dat de terugwerkende kracht gerechtvaardigd is vanwege bijzondere omstandigheden.
Eiser voerde ook een beroep op het vertrouwensbeginsel, stellende dat hij was opgeroepen te wachten met aanvragen zonder legesheffing, maar de rechtbank vond hiervoor geen bewijs. Een nieuw aangevoerd argument over gratis ID-kaarten werd vanwege strijd met de goede procesorde buiten beschouwing gelaten.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak op bezwaar, handhaafde de rechtsgevolgen van het besluit en veroordeelde verweerder tot vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: De uitspraak op bezwaar wordt vernietigd wegens schending van de hoorplicht, maar de rechtsgevolgen van het besluit blijven in stand en verweerder moet het griffierecht vergoeden.