ECLI:NL:RBUTR:2012:BX4831
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling bedrijfsinbraak met diefstal vrachtwagen en goederen
Op 8 januari 2012 werd een bedrijfsinbraak gepleegd bij een bedrijf te Goes waarbij onder meer een vrachtwagen, 50 accu’s, 30 autobanden, een autoradio en circa €1.000 uit de kluis werden gestolen. Bij de hoofdingang van het bedrijf werd bloed aangetroffen op de deurklink, dat via DNA-onderzoek aan verdachte kon worden gekoppeld.
Verdachte verklaarde dat hij op de avond van 6 januari 2012 op zoek was naar een plek om in te breken en daarbij over het hek was geklommen, waarbij hij een eerder opgelopen wond had opengereten. Hij ontkende betrokkenheid bij de inbraak en gaf aan het bedrijfsterrein onverrichter zake te hebben verlaten. De rechtbank achtte deze verklaring niet aannemelijk, mede omdat verdachte pas maanden later met dit scenario kwam en het niet logisch was dat hij vanuit Utrecht naar Goes zou rijden om vervolgens onverrichter zake terug te keren.
De rechtbank vond het aantreffen van bloed en een open verbanddoos een sterke aanwijzing dat de dader zich tijdens de inbraak had verwond. Ondanks het ontbreken van het volledige NFI-rapport, werd het proces-verbaal met de DNA-conclusie als voldoende bewijs gezien. Verdachte werd vrijgesproken van medeplegen, omdat dat niet wettig en overtuigend kon worden bewezen.
Gezien de ernst van het feit, de recidive van verdachte en zijn houding, legde de rechtbank een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van vijf maanden op. Tevens werd de voorwaardelijke jeugddetentie van 50 dagen die eerder was opgelegd, ten uitvoer gelegd.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot vijf maanden gevangenisstraf voor bedrijfsinbraak met diefstal.