ECLI:NL:RBUTR:2012:BX9622
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.J. Grapperhaus
- M.J. Veldhuijzen
- J.P.H. van Driel van Wageningen
- Rechtspraak.nl
Geen strafrechtelijke immuniteit voor gemeente bij nalatig wegonderhoud met dodelijk ongeval tot gevolg
De gemeente Stichtse Vecht werd gedagvaard wegens dood door schuld als gevolg van nalatig onderhoud aan de Nieuweweg, waarbij in 2009 twee motorrijdsters om het leven kwamen. De gemeente stelde zich op het standpunt dat zij strafrechtelijke immuniteit geniet omdat het hier zou gaan om een exclusieve bestuurstaak waarvoor vervolging niet mogelijk is.
De rechtbank onderzocht of het nalaten van feitelijk onderhoud en verkeersmaatregelen een exclusieve bestuurstaak is die immuniteit rechtvaardigt. Uit jurisprudentie, waaronder het Pikmeer II-arrest van de Hoge Raad, volgt dat strafrechtelijke immuniteit alleen geldt indien gedragingen uitsluitend door bestuursfunctionarissen kunnen worden verricht. Omdat het feitelijke onderhoud ook door derden kan worden uitgevoerd, is het nalaten daarvan niet exclusief.
De rechtbank concludeert dat de dagvaarding ziet op het feitelijk nalaten van onderhoud en verkeersmaatregelen en niet op het niet nemen van een bestuurlijk besluit. Hierdoor is de gemeente strafrechtelijk vervolgbaar. Het bezwaar van de gemeente tegen de dagvaarding wordt daarom ongegrond verklaard.
De rechtbank overweegt tevens dat het Europese Hof voor de Rechten van de Mens mogelijk een ruimere vervolgingsbevoegdheid zou kunnen ondersteunen, maar dat dit voor de beslissing niet doorslaggevend is. De zaak benadrukt de reikwijdte van strafrechtelijke immuniteit bij publiekrechtelijke lichamen en het belang van feitelijke gedragingen in plaats van bestuurlijke besluitvorming.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het bezwaar van de gemeente tegen de dagvaarding ongegrond en bevestigt dat de gemeente strafrechtelijk vervolgbaar is voor nalatig wegonderhoud met dodelijke gevolgen.