ECLI:NL:RBUTR:2012:BY0555
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- S.C. Hagedoorn
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering inzake exhibitieplicht en bouwtijdoverschrijding in koop-/aannemingsovereenkomst
In deze civiele zaak staat een geschil centraal tussen een besloten vennootschap en een particuliere partij over betalingen en schadevergoeding in het kader van een koop-/aannemingsovereenkomst voor de bouw van een appartement. De gedaagde vordert inzage in documenten die volgens hem relevant zijn voor het vaststellen van een uitkering die ten onrechte aan de eiseres zou zijn gedaan. De eiseres betwist dit en stelt dat de gevraagde documenten niet aan de gedaagde toekomen.
De rechtbank beoordeelt het incident op basis van artikel 843a Rv, dat inzage in bepaalde bescheiden mogelijk maakt indien er een rechtmatig belang is. De rechtbank oordeelt dat de gedaagde onvoldoende concrete feiten heeft gesteld om een niet op voorhand kansloze vordering aannemelijk te maken. De vordering wordt daarom afgewezen en de gedaagde wordt veroordeeld in de kosten.
Voor de hoofdzaak wordt een comparitie van partijen bevolen om inlichtingen te verkrijgen en te onderzoeken of een minnelijke regeling mogelijk is. Partijen worden verzocht tijdig relevante bescheiden in te dienen. De rechtbank benadrukt dat niet verschijnen kan leiden tot nadelige gevolgtrekkingen. De verdere behandeling wordt aangehouden.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot exhibitie af wegens onvoldoende concreet belang en veroordeelt de gedaagde in de kosten.