ECLI:NL:RBUTR:2012:BY0672
Rechtbank Utrecht
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter-commissaris wegens vermeende vooringenomenheid
In deze wrakingzaak heeft verdachte, verblijvend in de penitentiaire inrichting Utrecht, een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. A.G. van Doorn, rechter-commissaris in de strafrechtsector van de rechtbank Utrecht. Het verzoek volgde op het bevel tot inbewaringstelling van verdachte en een daaropvolgend verhoor in het kader van een vordering tot gerechtelijk vooronderzoek.
Verdachte stelde dat de rechter-commissaris onpartijdigheid ontbeerde omdat zij ten onrechte de inbewaringstelling had bevolen en dat hij geen vertrouwen had in haar verdere beslissingen. De rechtbank overwoog dat een rechter uit hoofde van zijn functie wordt vermoed onpartijdig te zijn, tenzij er uitzonderlijke omstandigheden zijn die het tegendeel aantonen.
De rechtbank concludeerde dat er geen feiten of omstandigheden waren die een objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid rechtvaardigen. Ook het feit dat verdachte niet wilde meewerken aan het onderzoek en toch werd opgeroepen, was onvoldoende om het wrakingsverzoek te honoreren.
Het wrakingsverzoek werd daarom afgewezen. De beslissing werd genomen door de meervoudige kamer voor wrakingszaken en in het openbaar uitgesproken op 18 oktober 2012.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter-commissaris wordt afgewezen wegens gebrek aan objectieve aanwijzingen voor vooringenomenheid.