ECLI:NL:RBUTR:2012:CA3544
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- K.J. Veenstra
- D.A. Verburg
- G.C. van Gelein Vitringa-Boudewijnse
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstandsuitkering wegens schending inlichtingenplicht en eigendom appartementencomplex
Eisers stonden sinds 1 januari 1998 in het kadaster als eigenaar van een appartementencomplex ingeschreven, dat zij in 2009 verkochten voor een marktwaarde van €208.000. Verweerder trok het recht op bijstand in over de periode 1998-2009 vanwege schending van de inlichtingenplicht, omdat eisers het eigendom en de huuropbrengsten niet hadden gemeld.
Eisers voerden aan dat het economisch eigendom al bij de koper lag en dat het IBF-onderzoek onzorgvuldig was, maar de rechtbank vond geen objectief verifieerbare aanwijzingen die dit stelden. De taxatiewaarde werd als juist aangenomen en het vermoeden dat eisers konden beschikken over het complex en de huuropbrengsten werd bevestigd.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht het recht op bijstand had ingetrokken op grond van artikel 54, derde lid, van de Wwb. Het beroep op jurisprudentie over onevenredigheid van terugvordering faalde, evenals het beroep op dringende redenen. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eisers tegen de intrekking van de bijstandsuitkering en terugvordering wordt ongegrond verklaard.