ECLI:NL:RBZLY:2006:AZ5647
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten rechtsbijstand bij aanvullend bezwaarschrift tegen Ziektewetbesluit
Eiseres kreeg aanvankelijk geen recht op een Ziektewetuitkering volgens een besluit van het UWV. Zowel haar werkgever als zijzelf dienden gemotiveerde bezwaarschriften in. Later werden aanvullende bezwaargronden ingediend door haar gemachtigde, met het verzoek om vergoeding van de kosten van rechtsbijstand.
Het UWV verklaarde het bezwaar gegrond en herzag het besluit, maar wees het verzoek om vergoeding van proceskosten af omdat het Bpb volgens verweerder geen vergoeding voor aanvullende bezwaarschriften toestond. De rechtbank oordeelde dat het indienen van aanvullende gronden wel onder het begrip 'bezwaarschrift' valt en dat de kosten voor rechtsbijstand in bezwaar redelijk en noodzakelijk waren.
Daarmee werd het bestreden besluit vernietigd en werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten in bezwaar en beroep, elk begroot op €322, en tot vergoeding van het griffierecht. Het beroep werd gegrond verklaard omdat het UWV onterecht het verzoek om vergoeding had afgewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van de kosten van rechtsbijstand en griffierecht.