ECLI:NL:RBZLY:2007:BA5785
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- W. Miltenburg
- E.F. Smeele
- K. van Leeuwen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek ontheffing ouderlijk gezag wegens onvoldoende onderbouwing
De Raad voor de Kinderbescherming verzocht de rechtbank om de moeder te ontheffen van het ouderlijk gezag over haar minderjarige kind en Bureau Jeugdzorg Zuid-Holland met de voogdij te belasten. Het kind verblijft sinds september 2005 bij pleegouders vanwege ernstige ontwikkelingsachterstanden en een onveilige thuissituatie. De moeder heeft moeite met de uithuisplaatsing, maar er is onvoldoende bewijs dat zij actief probeert het kind terug te halen of misbruik maakt van het gezag.
De rechtbank onderscheidt twee vragen: of het kind in de thuissituatie kan worden opgevoed en of ontheffing van het gezag gerechtvaardigd is. Hoewel het kind niet kan terugkeren naar de moeder, is de moeder niet structureel onbereikbaar en onderhoudt zij contact met het kind, die dit contact waardeert. De moeder heeft een stabiele woonsituatie sinds maart 2006, maar de Raad en gezinsvoogdijinstelling wijzen op haar pedagogische tekortkomingen en onbetrouwbaarheid.
De rechtbank concludeert dat het verzoek tot ontheffing onvoldoende is onderbouwd en dat niet is voldaan aan de wettelijke voorwaarden voor ontheffing van het gezag. Het belang van het kind bij het behouden van de band met zijn moeder weegt mee. De rechtbank wijst het verzoek af, maar laat ruimte voor toekomstige wijzigingen in omstandigheden die een nieuwe beoordeling rechtvaardigen.
Uitkomst: Het verzoek tot ontheffing van de moeder van het ouderlijk gezag over het kind wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.