ECLI:NL:RBZLY:2009:BJ7106
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Geen ongerechtvaardigd onderscheid bij AOW-toeslag en WAZ-uitkering partner
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de Sociale Verzekeringsbank om hem geen toeslag toe te kennen bij zijn AOW-uitkering omdat zijn echtgenote een WAZ-uitkering ontvangt. Volgens eiser leidt dit tot ongerechtvaardigd onderscheid ten opzichte van AOW-gerechtigden met een partner die een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van een particuliere verzekering ontvangt.
De rechtbank heeft onderzocht of artikel 7, eerste lid onder a van het Inkomensbesluit AOW, dat het inkomen uit WAZ-uitkeringen als relevant inkomen aanmerkt, ongerechtvaardigd onderscheid maakt in strijd met artikel 26 IVBPR Pro. Hierbij is gekeken naar jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep die onderscheid maakt tussen inkomen uit arbeid en inkomen uit particuliere verzekeringen.
De rechtbank concludeert dat het onderscheid tussen een WAZ-uitkering en een particuliere arbeidsongeschiktheidsuitkering gerechtvaardigd is, mede omdat het laatste als inkomen uit vermogen wordt beschouwd. Dit betekent dat het besluit van de Sociale Verzekeringsbank om geen toeslag toe te kennen terecht is genomen.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om geen toeslag toe te kennen op grond van de AOW is ongegrond verklaard.