ECLI:NL:RBZLY:2009:BJ9165
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Oosterveld
- L.E.C. van Rijckevorsel-Besier
- G.P. Loman
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aanwijzing gronden Wet voorkeursrecht gemeenten bij afwijkend gebruik
Eiseres exploiteert een test- en trainingscentrum voor voertuigbeheersing op percelen in Lelystad, die door verweerder zijn aangewezen als gronden waarop de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) van toepassing is. Eiseres maakte bezwaar tegen deze aanwijzingen, waarop een onafhankelijke commissie adviseerde de bezwaren gegrond te verklaren. Verweerder besloot echter de bezwaren ongegrond te verklaren.
De kern van het geschil betreft de uitleg van artikel 2 van Pro de Wvg, en in het bijzonder of het huidige gebruik van de percelen afwijkt van de toekomstige bestemming zoals vastgelegd in het Structuurplan Lelystad 2015. De rechtbank stelt vast dat het criterium ‘afwijkend gebruik’ ruim moet worden uitgelegd, waarbij ook een intensiever of beter gebruik onder dit begrip valt.
Het Structuurplan voorziet in een ontwikkeling van het gebied Larserknoop als economisch knooppunt met een aanduiding ‘werken’, gericht op vliegveldgeoriënteerde en hoogwaardige bedrijvigheid. Hoewel het testcentrum genoemd wordt als mogelijke invulling, leidt de beoogde ontwikkeling tot meer gebruiksmogelijkheden dan het huidige gebruik, waardoor sprake is van afwijkend gebruik.
De rechtbank concludeert dat verweerder bevoegd was het voorkeursrecht toe te passen en verklaart de beroepen ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De beroepen tegen de aanwijzing van gronden onder de Wet voorkeursrecht gemeenten worden ongegrond verklaard.