ECLI:NL:RBZLY:2009:BK1904
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot afgifte van hond wegens onvoldoende zekerheid eigendom
Eiser kocht in 2006 een hond en bracht deze medio 2008 vanwege agressief gedrag tijdelijk onder bij gedaagde. Eiser stelde eigenaar te zijn en vorderde in kort geding afgifte van de hond, terwijl gedaagde stelde dat de hond was geschonken en zij de kosten droeg.
De rechtbank oordeelde dat eiser een spoedeisend belang had, maar dat onvoldoende zekerheid bestond dat de bodemrechter gedaagde tot afgifte zou veroordelen. De discussie over eigendom en schenking vereist nader onderzoek, wat niet in kort geding kan plaatsvinden.
Ook werd meegewogen dat gedaagde de chipgegevens wijzigde en dat eiser onvoldoende aannemelijk maakte dat terugkeer van de hond zonder problemen zou verlopen. De vordering werd afgewezen en eiser werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot afgifte van de hond wordt afgewezen wegens onvoldoende zekerheid over eigendom en spoedeisend belang.