ECLI:NL:RBZLY:2009:BK4761
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Diefstal van geld van verstandelijk beperkte zus door bewindvoerder en medeplichtige
In deze strafzaak stond de verdachte terecht voor diefstal van geld van haar verstandelijk beperkte zus, waarbij zij samen met haar echtgenoot als bewindvoerder optrad. In 2004 werd abusievelijk tweemaal een bedrag van €3.100,- overgemaakt terwijl slechts één betaling gerechtvaardigd was. Verdachte merkte dit op maar keerde het teveel ontvangen bedrag niet terug.
Daarnaast heeft de echtgenoot van verdachte gedurende zijn bewindvoering aanzienlijke bedragen van de rekening van de zus naar zijn eigen rekening overgeschreven. Verdachte verklaarde dat zij de intentie hadden het geld terug te betalen, maar de rechtbank was niet overtuigd van deze intentie vanwege de besteding aan luxeartikelen en het onvermogen om het exacte bedrag te overzien.
De rechtbank oordeelde dat verdachte ten minste voorwaardelijk opzet had op de wederrechtelijke toe-eigening van het geld. De benadeelde partij leed daardoor een schade van €32.950,-, die de verdachte moet vergoeden met wettelijke rente vanaf 24 april 2004. De rechtbank legde een taakstraf van 120 uur op, waarvan 60 uur voorwaardelijk, met een vervangende hechtenis van 60 dagen indien niet uitgevoerd.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 120 uur taakstraf en betaling van €32.950,- schadevergoeding met rente.