ECLI:NL:RBZLY:2010:BL0562
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onregelmatige opzegging agentuurovereenkomst en vaststelling schadeloosstelling en provisie
Deze zaak betreft een geschil tussen een handelsagent en haar principaal over de beëindiging van een agentuurovereenkomst en de financiële afwikkeling daarvan.
De principaal zegde de overeenkomst op 9 juni 2008 met onmiddellijke ingang op, zonder de contractueel overeengekomen opzegtermijn van vijf maanden in acht te nemen. De principaal beriep zich op een dringende reden, waaronder vermeende tekortkomingen van de agent, maar de rechtbank oordeelde dat deze redenen onvoldoende waren onderbouwd en niet voldeden aan de criteria voor een dringende reden volgens artikel 7:439 BW Pro.
De rechtbank stelde vast dat de opzegging onregelmatig was en veroordeelde de principaal tot betaling van een schadeloosstelling gelijk aan de beloning over de resterende opzegtermijn, achterstallige provisie en een klantenvergoeding. De omvang van de provisie werd vastgesteld aan de hand van de administratie van de principaal, waarbij de vordering tot openlegging van de administratie werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. De vordering van de principaal tot verrekening van een geldlening werd afgewezen. De proceskosten werden tussen partijen gecompenseerd.
Uitkomst: De principaal is veroordeeld tot betaling van achterstallige provisie, schadeloosstelling en klantenvergoeding wegens onregelmatige opzegging.