ECLI:NL:HR:2006:AX9387
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- P.C. Kop
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Rechtsgeldigheid ontslag op staande voet wegens bedreiging medewerker klant
Eiseres, een schoonmaakster, werd op staande voet ontslagen door haar werkgever Buwa wegens bedreiging van een medewerker van een klant en van medewerkers van Buwa zelf. De kantonrechter wees de loonvordering van eiseres toe, maar het hof vernietigde dit vonnis en wees de vordering af, oordelend dat het ontslag terecht was gegeven.
De Hoge Raad stelt vast dat het hof slechts een deel van het feitencomplex, namelijk de bedreiging van de medewerker van de klant, als dringende reden heeft erkend, terwijl de andere bedreigingen niet zijn bewezen. Volgens de Hoge Raad kan het ontslag toch rechtsgeldig zijn als aan drie cumulatieve voorwaarden wordt voldaan: (a) het vaststaande deel van het feitencomplex vormt op zichzelf een dringende reden, (b) de werkgever zou ook bij alleen dat deel ontslag hebben gegeven, en (c) dit was voor de werknemer duidelijk uit de ontslagmededeling en omstandigheden.
Het hof heeft echter alleen getoetst aan voorwaarde (a) en niet aan (b) en (c), wat een onjuiste rechtsopvatting is. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en verwijst de zaak terug naar het hof voor verdere behandeling en beslissing, waarbij ook de aanvullende voorwaarden moeten worden beoordeeld.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest en verwijst zaak terug voor nadere toetsing van de rechtsgeldigheid van het ontslag op staande voet.