ECLI:NL:RBZLY:2010:BL9451
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering ex-werknemer over overwerkvergoeding en geen onrechtmatige concurrentie
De zaak betreft een arbeidsrechtelijke vordering van een ex-werknemer tegen haar voormalige werkgever RMA tot betaling van overwerkvergoeding over de periode 2003 tot en met 2007. De arbeidsovereenkomst liep van 2000 tot 2009 en bevatte een regeling over overwerkvergoedingen die in overleg konden worden uitbetaald of gecompenseerd met vrije tijd.
De werknemer stelde dat zij 860,5 overuren had gemaakt in de jaren 2003-2007 en vorderde een bruto bedrag van €17.724,15 plus wettelijke verhoging en rente. RMA betwistte dit en voerde deels verjaring aan, deels rechtsverwerking, omdat de werknemer jarenlang geen aanspraak had gemaakt op vergoeding en stil had gezeten. De kantonrechter oordeelde dat de vordering voor zover deze betrekking had op overuren vóór 24 april 2004 was verjaard en dat de overige aanspraken door rechtsverwerking waren uitgesloten.
Daarnaast vorderde RMA in reconventie dat de werknemer zich zou onthouden van oneerlijke concurrentie en bedrijfseigendommen zou overdragen. De kantonrechter stelde dat de werknemer niet gebonden was aan een concurrentiebeding en dat onvoldoende was gesteld of gebleken dat zij onrechtmatig had gehandeld door klanten te benaderen of bedrijfsinformatie te gebruiken. De vorderingen van RMA werden daarom afgewezen.
De arbeidsovereenkomst werd met wederzijds goedvinden beëindigd per 1 maart 2009. De kantonrechter wees de vordering van de werknemer af en veroordeelde partijen in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot betaling van overwerkvergoeding wordt afgewezen en er is geen sprake van onrechtmatige concurrentie.