ECLI:NL:RBZLY:2010:BM3394
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- G. Blomsma
- A.P. de Jong-de Goede
- H. den Haan
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens gebrek aan bewijs openlijk geweld in vereniging
Op 29 juli 2008 vond een incident plaats in Lelystad waarbij het slachtoffer, na een duw van verdachte, viel en later mishandeld zou zijn door een groep. Verdachte werd beschuldigd van openlijk geweld in vereniging, bestaande uit duwen, schoppen en slaan terwijl het slachtoffer op de grond lag.
Tijdens de zitting op 20 april 2010 werd vastgesteld dat verdachte alleen de duw heeft gegeven, wat op zichzelf geen openlijk geweld in vereniging vormt. Diverse getuigen en medeverdachten verklaarden uiteenlopend over de betrokkenheid van verdachte bij het geweld na de val. De rechtbank hechtte geen geloof aan de verklaringen van enkele medeverdachten en getuigen die verdachte belastten vanwege tegenstrijdigheden en onbetrouwbaarheid.
Het openbaar ministerie vorderde vrijspraak omdat het bewijs onvoldoende was om verdachte te veroordelen voor het ten laste gelegde feit. De verdediging benadrukte het ontbreken van een wezenlijke bijdrage van verdachte aan het geweld en het ontbreken van onderlinge verstandhouding met andere geweldplegers.
De rechtbank oordeelde dat de duw los stond van het latere geweld en dat er geen wettig en overtuigend bewijs was dat verdachte het slachtoffer met anderen heeft mishandeld. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van het ten laste gelegde feit.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens ontbreken van wettig en overtuigend bewijs voor openlijk geweld in vereniging.