ECLI:NL:RBZLY:2010:BO1204
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Onvoldoende inzicht in zorgbehoefte en omvang bovengebruikelijke zorg bij AWBZ-indicatie
Eiser, een kind met het Cri-du-chatsyndroom en ernstige verstandelijke beperking, werd door verweerder geïndiceerd voor AWBZ-zorg, waaronder persoonlijke verzorging (PV). Eiser stelde dat de toegekende uren PV onvoldoende waren en dat de bovengebruikelijke zorg niet juist was vastgesteld.
De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende en onduidelijk had onderzocht en gemotiveerd hoeveel bovengebruikelijke zorg eiser nodig had. De vertaalslagen van de ouders' opgaven naar normtijden waren onduidelijk en niet inzichtelijk gemaakt. Ook ontbrak een heldere vergelijking met de gebruikelijke zorg voor kinderen van dezelfde leeftijd.
Daarom werd het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen met een zorgvuldige en inzichtelijke vaststelling van de zorgbehoefte. Het verzoek tot een langere indicatieperiode dan twee jaar werd afgewezen vanwege de veranderlijke situatie van eiser. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het besluit tot AWBZ-zorgindicatie wordt vernietigd wegens onvoldoende inzicht en motivering, met opdracht tot nieuw besluit.