ECLI:NL:RBZLY:2011:BR5783
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Voorlopige voorziening
- L.E.C. van Rijckevorsel-Besier
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen bouwvergunning windturbines Lelystad
Verzoekers hebben bezwaar gemaakt tegen de verleende bouwvergunning voor twee windturbines op een testlocatie in Lelystad, stellende dat deze deel uitmaken van een groter windturbinepark waarvoor een milieuonderzoek en mer-procedure vereist zouden zijn.
De rechtbank stelt vast dat de twaalf geplande windturbines geen functionele, technische of organisatorische samenhang vertonen en dat de vergunningen afzonderlijk zijn aangevraagd door verschillende partijen. Hierdoor is geen sprake van één inrichting in de zin van de Wet milieubeheer.
Verder is geoordeeld dat voor het oprichten van deze windturbines geen milieuvergunning vereist is en dat de aanvraag om bouwvergunning niet op grond van artikel 52 van Pro de Woningwet aangehouden hoeft te worden. De rechtbank volgt daarmee het standpunt van het college van burgemeester en wethouders.
Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen. De rechtbank wijst ook op het feit dat een vergunninghouder op eigen risico bouwt zolang de vergunning niet onherroepelijk is. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de bouwvergunning voor twee windturbines wordt afgewezen.