ECLI:NL:RBZLY:2011:BV2809
Rechtbank Zwolle-Lelystad
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.P. Nieuwenhuis
- F. van der Maden
- J.W.M. Bunt
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte mensenhandel wegens onvoldoende bewijs
De rechtbank Zwolle-Lelystad behandelde op 1 december 2011 de zaak tegen verdachte die werd verdacht van mensenhandel en mensensmokkel. Ondanks diverse bewijsmiddelen, waaronder verklaringen van vermeende slachtoffers, tapgesprekken, vluchtgegevens en gespreksverslagen met een ervaringsdeskundige, oordeelde de rechtbank dat het bewijs onvoldoende was om de tenlasteleggingen te bewijzen.
De verdediging voerde meerdere bewijsverweren aan, waaronder twijfel aan de betrouwbaarheid van de vertalingen van gespreksverslagen. De rechtbank oordeelde echter dat de vertalingen gedegen en volledig waren en verwierp het bewijsuitsluitingsverzoek. Wel vond de rechtbank dat de gespreksverslagen niet als proces-verbaal waren opgemaakt, maar dat zij als schriftelijke bescheiden konden worden gebruikt.
De rechtbank stelde vast dat de tapgesprekken en vluchtgegevens onvoldoende linkten naar de vermeende slachtoffers en dat het feit dat een slachtoffer bij verdachte in Duitsland was aangetroffen, onvoldoende bewijs vormde. Hierdoor werden verdachte vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten. De vorderingen van de benadeelde partijen werden niet-ontvankelijk verklaard en het bevel tot voorlopige hechtenis werd opgeheven.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten wegens onvoldoende bewijs.