ECLI:NL:RBZUT:2002:AD8381
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.M.A.G. van Valderen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering gemeente tot betaling boete wegens schending zelfbewoningsplicht bouwkavel
De gemeente Borculo leverde in 1998 een bouwkavel aan de vrouw, onder de voorwaarde dat de koper de woning zelf zou bewonen en niet zonder toestemming mocht vervreemden gedurende drie jaar. De gemeente stelde vast dat sinds eind 1999 niet de kopers, maar de vader van de vrouw op het adres stond ingeschreven. De gemeente sommeerde betaling van een boete van 50.000 gulden wegens schending van de zelfbewoningsplicht.
De gemeente vorderde betaling van de boete, vermeerderd met rente, en stelde dat de schending van het anti-speculatiebeding toerekenbaar was. De gedaagden betwistten de ontvankelijkheid van de gemeente en voerden onder meer aan dat toepassing van het boetebeding onaanvaardbaar was, dat sprake was van misbruik van bevoegdheid en dat het beding nietig was voor zover het de rechterlijke matigingsbevoegdheid uitsloot.
De rechtbank oordeelde dat het boetebeding een anti-speculatiebeding is dat niet ziet op het recht van vrije vestiging en dat de enkele schending van de zelfbewoningsplicht niet automatisch de boete verbeurt, zeker niet nu geen sprake was van vervreemding. De verplichting tot zelfbewoning geldt bovendien niet voor de man, die geen contractspartij was. De vordering van de gemeente wordt daarom afgewezen en de gemeente wordt in de proceskosten veroordeeld.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van de gemeente tot betaling van de boete af wegens schending van de zelfbewoningsplicht.