ECLI:NL:RBZUT:2003:AI1727
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.H.S. Lebens
- G. van Rijssen
- H. de Hek
- Rechtspraak.nl
Toewijzing schadevergoeding voor kosten grondophoging door gemeente Apeldoorn aan Reesink
In deze civiele zaak tussen de gemeente Apeldoorn en Reesink N.V. stond de vergoeding van kosten voor grondophoging onder een distributiecentrum centraal. De koopovereenkomst bepaalde dat de gemeente het perceel bouwrijp zou opleveren, waarbij kosten voor ophoging voor rekening van de gemeente zouden zijn indien het bouwpeil hoger lag dan het maaiveld.
De rechtbank stelde vast dat het bouwpeil definitief was vastgesteld op 8,70 meter + NAP, terwijl het maaiveld circa 7,80 meter bedroeg. Reesink had aanzienlijke kosten gemaakt voor ophoging van de grond onder het gebouw, die de gemeente op grond van de overeenkomst moest vergoeden. De rechtbank verwierp het verweer van de gemeente dat de ophoging ook andere delen van het terrein betrof, waarvoor geen vergoeding verschuldigd was.
Verder werd geoordeeld dat de aanvaarding van de grond door Reesink bij levering niet verhinderde dat zij aanspraak kon maken op vergoeding van de kosten van ophoging. De rechtbank wees de vordering van Reesink toe tot een bedrag van €266.219,46, vermeerderd met wettelijke rente vanaf relevante data. De proceskosten werden gecompenseerd omdat beide partijen deels in het ongelijk waren gesteld.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de gemeente Apeldoorn tot betaling van €266.219,46 aan Reesink met wettelijke rente.