ECLI:NL:RBZUT:2005:AU0445
Rechtbank Zutphen
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Rechtbank Zutphen wijst vordering tot levering woning af en ontbindt huurovereenkomst wegens onaanvaardbaarheid koopovereenkomst
In deze zaak stonden meerdere procedures centraal over de levering van een woning en de afdwingbaarheid van een koopovereenkomst tussen huurders en verhuurder. De huurders hadden gebruikgemaakt van hun recht op koop en een koopovereenkomst ondertekend, maar de verhuurder weigerde de woning te leveren. De rechtbank oordeelde dat het, gezien de omstandigheden en de gedragingen van partijen, onaanvaardbaar was dat de huurders de verhuurder aan de koopovereenkomst hielden. De koopovereenkomst werd daarom niet als afdwingbaar beschouwd.
De rechtbank beoordeelde uitgebreid de getuigenverklaringen en processtukken, waarbij werd vastgesteld dat vóór 24 april 2001 geen overeenstemming over de koopprijs en voorwaarden bestond. De koopovereenkomst en de betalingsovereenkomst waren pas op 24 april 2001 opgesteld en ondertekend, waarbij de verhuurder de huurders had overvallen. De koopprijs was aanzienlijk lager dan de WOZ-waarde, en de afspraken over leningen en betalingen boden voor de huurders onvoldoende zekerheid.
De huurovereenkomst werd per heden ontbonden, waarbij de huurders een ontruimingstermijn werd gegund. De huurders werden veroordeeld tot betaling van de huurachterstand tot 1 augustus 2002, maar niet voor de periode daarna vanwege het onaanvaardbare karakter van de koopovereenkomst. Daarnaast werden de huurders veroordeeld tot betaling van openstaande geldleningen met rente, voor zover zij partij waren bij de overeenkomsten.
De rechtbank wees de vorderingen tot levering van de woning af en verwierp het verweer van huurders dat zij geen huur meer verschuldigd waren vanwege het belemmeren van toegang. De proceskosten werden grotendeels aan de huurders opgelegd. Hiermee werd de rechtsverhouding tussen partijen duidelijk geregeld, waarbij de koopovereenkomst niet afdwingbaar bleek en de huurovereenkomst werd beëindigd.
Uitkomst: De vordering tot levering van de woning wordt afgewezen en de huurovereenkomst wordt ontbonden met veroordeling tot betaling van huurachterstand en leningen.