ECLI:NL:RBZUT:2006:AV1398
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit intrekking WAZ-uitkering wegens ondeugdelijke motivering
Eiser, een voormalig zelfstandig varkenshouder, ontving een WAZ-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid. Verweerder trok deze uitkering per 14 december 2004 in, omdat eiser niet langer arbeidsongeschikt zou zijn. De rechtbank beoordeelde het bestreden besluit en constateerde dat verweerder geen rekening had gehouden met de maximering van de resterende verdiencapaciteit conform artikel 10 van Pro het Schattingsbesluit 2000.
Daarnaast stelde de rechtbank vast dat in de geduide functies sprake was van bijzondere belasting die de normaalwaarden overschrijdt, waarvoor verweerder geen expliciete motivering had gegeven waarom eiser daarvoor geschikt zou zijn. Dit leidde tot de conclusie dat het besluit ondeugdelijk gemotiveerd was en in strijd met artikel 7:12, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en droeg verweerder op opnieuw te beslissen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en de proceskosten van eiser. Het vonnis werd uitgesproken door mr. E.J.J.M. Weyers op 30 januari 2006.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de WAZ-uitkering wordt vernietigd wegens ondeugdelijke motivering en verweerder wordt opgedragen opnieuw te beslissen.