ECLI:NL:RBZUT:2006:AX6825
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toedeling woning en verrekening winst uit onderneming bij echtscheiding
De rechtbank Zutphen behandelde een geschil tussen partijen over de toedeling van de woning en de verrekening van winst uit onderneming in het kader van hun echtscheiding. Partijen waren gehuwd onder huwelijkse voorwaarden met een periodiek verrekenbeding van inkomsten uit arbeid, waaronder winst uit onderneming.
De vrouw woonde met hun zoon in de woning en stelde dat toedeling aan haar gewenst was vanwege het belang van het kind en haar paardensportactiviteiten. De man stelde dat hij een sociaal netwerk en bedrijf in de plaats had, maar de rechtbank oordeelde dat de belangen van de vrouw zwaarder wogen en kende de woning aan haar toe onder voorwaarden van overname van hypotheken en betaling van overbedeling.
Betreffende de verrekening van winst uit onderneming stelde de vrouw dat ook niet-uitgekeerde winst in de B.V. van de man moest worden verrekend op grond van artikel 1:141 lid 4 BW Pro. De rechtbank oordeelde dat het verrekenbeding alleen ziet op winst uit onderneming die voor de inkomstenbelasting relevant is en niet op niet-uitgekeerde winst in de B.V., zodat de vordering van de vrouw werd afgewezen.
Ten aanzien van het ouderdomspensioen in de B.V. van de man wees de rechtbank het verzoek tot afstorting af, omdat er geen aanwijzingen waren dat het pensioen niet volledig zou worden uitgekeerd en afstorting onomkeerbaar en risicovol zou zijn.
De kosten van de procedure werden gecompenseerd zodat iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Woning wordt toegewezen aan de vrouw; verrekening niet-uitgekeerde winst in B.V. en afstorting pensioen worden afgewezen.