ECLI:NL:RBZUT:2007:BA7799
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid en beslissing inzake verzoek om inzage dossiers minderjarige kinderen onder toezicht
Eisers, ouders van drie dochters onder toezicht, verzochten inzage in de dossiers van hun kinderen bij een stichting die de gezinsvoogdij uitvoert. De stichting weigerde inzage in het dossier van de oudste dochter, die ouder dan zestien is, vanwege het ontbreken van haar toestemming, en stuurde de dossiers van de jongere dochters pas na betaling van een vergoeding toe. Eisers maakten bezwaar tegen deze besluiten, waarop niet tijdig werd beslist.
De rechtbank oordeelt dat de kinderrechter bevoegd is om te oordelen over besluiten die verband houden met gezinsvoogdij, ook al betreft het bestuursrechtelijke besluiten. De stichting die de dossiers beheert, wordt als bestuursorgaan beschouwd voor zover zij mandaat heeft van de verweerder. De rechtbank stelt vast dat het niet tijdig beslissen op de bezwaarschriften vernietigd moet worden en verklaart het beroep gegrond. Voor de jongere dochters zijn de bezwaren niet-ontvankelijk omdat er geen besluit in de zin van de Awb is genomen, maar de rechtbank voorziet zelf in de zaak.
Ten aanzien van de oudste dochter, die toestemming voor inzage niet gaf, moet verweerder alsnog binnen zes weken beslissen op het bezwaar. De rechtbank wijst de kostenveroordeling af omdat geen bijzondere kosten zijn gemaakt. De uitspraak is gedaan door de kinderrechter op 15 juni 2007.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen zes weken alsnog te beslissen op het bezwaar van de oudste dochter.