ECLI:NL:RBZUT:2008:BC9489
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van de Wetering
- Van Harreveld
- Draisma
- Rechtspraak.nl
Ontnemingsvordering niet-ontvankelijk wegens vrijspraak verdachte
De rechtbank Zutphen behandelde op 15 april 2008 de vordering van het Openbaar Ministerie tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten bedrage van €33.480,00 tegen verdachte geboren in 1980 en woonachtig te een adres. Tijdens de terechtzitting van 1 april 2008 werden de officier van justitie, verdachte en zijn raadsman gehoord.
De officier van justitie vorderde toewijzing van de ontnemingsmaatregel, terwijl de verdediging stelde dat de vordering niet-ontvankelijk verklaard moest worden vanwege de aanstaande vrijspraak van verdachte in de strafzaak. De rechtbank oordeelde dat gelet op het strafdossier en het vonnis waarbij verdachte werd vrijgesproken van de tenlastelegging, de ontnemingsvordering niet-ontvankelijk moest worden verklaard.
De rechtbank verklaarde daarom de officier van justitie niet-ontvankelijk in zijn vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. Het vonnis werd gewezen door de meervoudige kamer bestaande uit de rechters Van de Wetering, Van Harreveld en Draisma, en uitgesproken op 15 april 2008.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de ontnemingsvordering niet-ontvankelijk wegens vrijspraak van verdachte.