ECLI:NL:RBZUT:2008:BG8510
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Brouns
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak varkenshouders en transporteur wegens onvoldoende bewijs van onnodig lijden varken tijdens transport
Het Openbaar Ministerie beschuldigde twee Gelderse varkenshouders en een varkenstransporteur ervan een varken zodanig te hebben vervoerd dat het waarschijnlijk letsel of onnodig lijden zou hebben opgelopen. De zaak draaide om de vraag of het varken, dat een dikke linker bovenpoot had en mogelijk op drie poten liep, ongeschikt was voor transport en daardoor onnodig leed.
Tijdens de procedure vond op 22 september 2008 een schouw plaats waarbij het gehele transportproces van het inladen tot het uitladen bij de slachterij werd geobserveerd om een beter beeld te krijgen van de omstandigheden. De verdachten voerden aan dat het varken slechts last had van een vergroeide schouder en dat het dier bij de slacht volledig was goedgekeurd, wat zou betekenen dat er niets ernstigs aan mankeerde.
De economische politierechter oordeelde dat de beschikbare bewijsmiddelen niet toereikend waren om het ten laste gelegde feit wettig en overtuigend bewezen te verklaren. Op grond hiervan sprak hij de verdachten vrij. Het vonnis werd uitgesproken op 22 december 2008 na behandeling van de zaak op meerdere zittingen.
Uitkomst: Verdachten zijn vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat het varken onnodig lijden heeft ondervonden tijdens transport.