ECLI:NL:RBZUT:2009:BI3783
Rechtbank Zutphen
- Kort geding
- R.M.A.G. van Valderen
- Rechtspraak.nl
Verplichting tot overleg en bewindstelling stichting Talpa inzake legionellaslachtoffers West-Friese Flora
In deze kortgedingprocedure vordert de Consumentenbond dat stichting Talpa, opgericht door [whirlpoolhouder A] om financiële zekerheid te bieden aan slachtoffers van de legionella-uitbraak tijdens de West-Friese Flora 1999, met hem in onderhandeling treedt over een uitkeringsregeling en openheid geeft over beschikbare gelden.
Talpa voert onder meer verjaring van de vorderingen aan en betwist haar verplichtingen jegens individuele slachtoffers. De voorzieningenrechter oordeelt dat de verjaring is gestuit door eerdere collectieve procedures en dat Talpa als stichting met een statutaire doelstelling tot schadeloosstelling gehouden is tot overleg met de Consumentenbond, die de belangen van alle slachtoffers behartigt.
De rechter veroordeelt Talpa om binnen 24 uur schriftelijk bereidheid tot overleg te tonen, binnen drie maanden tot een overeenkomst te komen of anders een advocaat als dwangvertegenwoordiger te laten optreden. Tevens wordt het vermogen van Talpa onder bewind gesteld en een bewindvoerder benoemd om het beheer te waarborgen.
De uitspraak benadrukt het belang van een effectieve collectieve afwikkeling van massaschade en de maatschappelijke zorgvuldigheid die Talpa dient te betrachten jegens de legionellaslachtoffers en hun nabestaanden.
Uitkomst: Stichting Talpa wordt veroordeeld tot overleg met Consumentenbond over schadeloosstelling legionellaslachtoffers en het vermogen wordt onder bewind gesteld met benoeming van een bewindvoerder.