ECLI:NL:RBZUT:2009:BJ4965
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Machtiging tot voortgezet verblijf in psychiatrisch ziekenhuis na voorwaardelijk ontslag
Betrokkene, een patiënt met schizofrenie, was onder voorwaarden ontslagen uit een psychiatrisch centrum, waarbij zij onder meer huisbezoeken diende te tolereren en depotmedicatie tweewekelijks moest ophalen. Na het weigeren van deze medicatie op 14 juli 2009 werd het voorwaardelijk ontslag door de geneesheer-directeur ingetrokken, waarna betrokkene weer in het ziekenhuis verbleef.
De rechtbank constateerde dat er geen schriftelijke verklaring van het voorwaardelijk ontslag aanwezig was, maar dat uit de omstandigheden en aantekeningen duidelijk bleek dat het ontslag voorwaardelijk was. De patiënt hield zich aanvankelijk aan de voorwaarden, maar later niet meer, waardoor het huidige verblijf gebaseerd is op de rechterlijke machtiging van 11 februari 2009.
De rechtbank oordeelde dat betrokkene vanwege haar psychotische toestand en gebrek aan ziekte-inzicht niet zelfstandig kan functioneren en dat zonder gedwongen opname het risico bestaat op ernstige verwaarlozing en maatschappelijke ondergang. Daarom werd de machtiging tot voortgezet verblijf verleend voor de periode van 11 augustus 2009 tot 10 augustus 2010.
Uitkomst: De rechtbank verleent de machtiging tot voortgezet verblijf in het psychiatrisch ziekenhuis voor de periode van 11 augustus 2009 tot 10 augustus 2010.