ECLI:NL:RBZUT:2010:BO5845
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.L.M. Steinebach-de Wit
- E. Troost
- Tj. Gerbranda
- Rechtspraak.nl
Weigering drank- en horecavergunning wegens ernstig gevaar op strafbare feiten volgens Wet bibob
De eiser vroeg een drank- en horecavergunning aan voor een horecabedrijf op een perceel te Apeldoorn. Het college van burgemeester en wethouders weigerde deze vergunning op grond van de Wet bibob omdat er ernstig gevaar bestaat dat de vergunning mede zal worden gebruikt om strafbare feiten te plegen. Dit gevaar werd gebaseerd op een zakelijk samenwerkingsverband tussen de eiser en een derde die veroordeeld is voor handel in harddrugs.
De rechtbank overwoog dat het samenwerkingsverband blijkt uit diverse feiten, waaronder het handelen van de eiser tijdens de detentie van de derde, het gebruik van het pand en de registratie van handelsnamen bij de Kamer van Koophandel. De rechtbank verwierp het beroep van eiser op het gelijkheidsbeginsel, omdat eerdere vergunningen werden verleend voordat de Wet bibob actief werd toegepast en er bij de nieuwe huurder een uitgebreid bibob-onderzoek plaatsvond zonder aanwijzingen voor een samenwerkingsverband.
Verder stelde de rechtbank vast dat er een duidelijk verband bestaat tussen de gevraagde vergunning en de strafbare feiten gepleegd vanuit een horecagelegenheid, ondanks dat eiser ontkent betrokken te zijn geweest bij de exploitatie. Het beroep werd ongegrond verklaard en de weigering van de vergunning bevestigd.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de weigering van de drank- en horecavergunning wegens ernstig gevaar op strafbare feiten.