ECLI:NL:RBZUT:2012:BV9277
Rechtbank Zutphen
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling gedoogplicht aanleg gastransportleiding A-662 tracé Esveld-Angerlo
De zaak betreft besluiten van de minister van Verkeer en Waterstaat waarbij aan eisers de plicht is opgelegd om de aanleg en instandhouding van de gastransportleiding A-662 op hun onroerende zaken te gedogen. Eisers betoogden dat de Gasunie niet bevoegd was om deze gedoogbeschikkingen aan te vragen en dat er sprake was van misbruik van bevoegdheid vanwege onvoldoende overleg.
De rechtbank oordeelt dat de Gasunie juridisch en economisch eigenaar is van het landelijk gastransportnet en bevoegd is om op grond van de Belemmeringenwet Privaatrecht (BP) een gedoogplicht op te leggen. De gewijzigde Gaswet doet hieraan niet af. Verder is vastgesteld dat de Gasunie voldoende serieus en redelijk overleg heeft gevoerd met eisers, en dat er geen sprake is van misbruik van bevoegdheid.
Daarnaast is geoordeeld dat de rechtbank niet bevoegd is om te beoordelen of de gedoogplicht meer belemmering oplevert dan redelijkerwijs noodzakelijk is, maar wel bevoegd is om alternatieve tracés te beoordelen. De rechtbank acht het bundelingprincipe en de bestaande leidingen op het perceel relevant en ziet geen reden om het gedoogbesluit vanwege een alternatief tracé te wijzigen.
De beroepen worden daarom ongegrond verklaard en er is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De beroepen tegen de gedoogplicht voor aanleg en instandhouding van de gastransportleiding A-662 worden ongegrond verklaard.