ECLI:NL:RBZWB:2013:6051
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontslag op staande voet gerechtvaardigd bij ontruiming bedrijfspand door werknemer met langdurig dienstverband
De werknemer was sinds 1965 in dienst en had een langdurige en bijzondere positie binnen de onderneming, waaronder het feitelijk drijven van de onderneming en het verhuren van het bedrijfspand. Na het overlijden van de aandeelhouder ontstond onenigheid binnen de familie, waarna de werknemer zonder overleg het bedrijfspand ontruimde.
De werkgever stelde de werknemer op non-actief vanwege vertrouwensbreuk en beëindigde later de arbeidsovereenkomst, eerst via een opzegging met toestemming van het UWV en vervolgens via ontslag op staande voet wegens de ontruiming.
De werknemer betwistte de rechtmatigheid van de schorsing, opzegging en het ontslag op staande voet, onder meer vanwege ziekte en vermeende schending van het goed werkgeverschap. De kantonrechter oordeelde dat de schorsing gerechtvaardigd was gezien de omstandigheden en dat het ontslag op staande voet rechtsgeldig was omdat de werknemer zijn verantwoordelijkheden had verzaakt door zonder overleg het pand te ontruimen.
De arbeidsovereenkomst eindigde derhalve op 11 september 2012 en de vorderingen van de werknemer werden afgewezen. De werknemer werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet van de werknemer is rechtsgeldig en de vorderingen worden afgewezen.