ECLI:NL:RBZWB:2013:BZ8050
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toekenning gedeeltelijke uitkering uit schadefonds wegens peesletsel met medeschuld
Eiser vroeg een uitkering uit het schadefonds geweldsmisdrijven aan vanwege peesletsel aan zijn ringvinger als gevolg van een geweldsmisdrijf. De Commissie wees de aanvraag af wegens medeschuld en het ontbreken van ernstig letsel. Het hof stelde vast dat sprake was van een opzettelijk geweldsmisdrijf, maar de verdachten, waaronder eiser, waren ontslagen van rechtsvervolging, wat een bijzondere situatie vormde.
De rechtbank oordeelde dat het letsel van eiser binnen categorie 1 van de Letsellijst valt, waarvoor een forfaitaire uitkering geldt. Omdat de verdachten waren ontslagen van rechtsvervolging, werd medeschuld aangenomen, wat leidt tot een korting van 50% op de uitkering. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit vanwege onvoldoende motivering over de ernst van het letsel en kende een uitkering van € 275 toe.
Daarnaast veroordeelde de rechtbank verweerder tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De uitspraak trad in de plaats van het vernietigde besluit en kan binnen zes weken worden aangevochten bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De rechtbank kent een uitkering van € 275 toe uit het schadefonds met een korting van 50% wegens medeschuld.