ECLI:NL:RBZWB:2013:CA3833
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling waarde kantoorvilla volgens WOZ met huurwaardekapitalisatiemethode
Belanghebbende, een financiële instelling, betwistte de door de heffingsambtenaar vastgestelde WOZ-waarde van een vrijstaande kantoorvilla te Tilburg. De heffingsambtenaar baseerde de waarde op de huurwaardekapitalisatiemethode, waarbij de brutohuurwaarde werd afgeleid uit verkoopprijzen van vergelijkbare panden. De rechtbank oordeelde dat de gebruikte referentieobjecten onvoldoende vergelijkbaar waren en dat de onderbouwing van de kapitalisatiefactor tekortschiet.
Belanghebbende sloot zich aan bij de brutohuurwaarde van de heffingsambtenaar, maar maakte onvoldoende aannemelijk hoe de specifieke kenmerken van het pand in de kapitalisatiefactor waren verwerkt. Hierdoor kon geen van de door partijen voorgestane waarden als juist worden beschouwd.
De rechtbank stelde de waarde in goede justitie vast op € 1.800.000, verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraken op bezwaar en paste de aanslag onroerende-zaakbelastingen dienovereenkomstig aan. Tevens werd de heffingsambtenaar veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht.
Uitkomst: De WOZ-waarde van het kantoorpand wordt vastgesteld op € 1.800.000 en de aanslag onroerende-zaakbelastingen dienovereenkomstig verminderd.