ECLI:NL:RBZWB:2016:7761
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling tenuitvoerlegging voorwaardelijk strafontslag belastingambtenaar wegens ernstig plichtsverzuim
Eiseres, werkzaam als belastingambtenaar, werd in 2010 een voorwaardelijk ontslag opgelegd wegens ernstig plichtsverzuim. Later werden besluiten genomen tot schorsing, ontzegging van toegang tot dienstgebouwen en tenuitvoerlegging van het voorwaardelijk ontslag vanwege opnieuw ernstig plichtsverzuim, waaronder het niet tijdig indienen van belastingaangiften en het niet nakomen van financiële verplichtingen.
De rechtbank oordeelt dat eiseres geen procesbelang meer heeft bij het beroep tegen de schorsing en ontzegging van toegang omdat eerdere besluiten onherroepelijk zijn en zij onvoldoende schade heeft gesteld. Het beroep tegen de tenuitvoerlegging van het strafontslag wordt inhoudelijk behandeld.
De rechtbank stelt vast dat het plichtsverzuim ernstig en toerekenbaar is, ondanks de aanwezigheid van een persoonlijkheidsstoornis en depressieve episodes bij eiseres. De gedragingen zijn niet van dien aard dat ze niet aan haar kunnen worden toegerekend. De staatssecretaris heeft de belangen afgewogen en mocht het voorwaardelijke ontslag ten uitvoer leggen.
Het beroep tegen de tenuitvoerlegging wordt ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen schorsing en ontzegging wordt niet-ontvankelijk verklaard; het beroep tegen tenuitvoerlegging voorwaardelijk ontslag wordt ongegrond verklaard.