Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Beoordeling van de beroepen
3.Proceskosten
4.Beslissing
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen navorderingsaanslagen, voorlopige en definitieve aanslagen over de jaren 2008 tot en met 2011. De inspecteur heeft de aanslagen na bezwaar gehandhaafd. Tijdens de zitting was de gemachtigde van belanghebbende afwezig vanwege een vergissing in de aanvangstijd, maar de rechtbank zag geen reden tot heropening van het onderzoek.
De rechtbank oordeelt dat tegen het uitblijven van uitspraak op bezwaren tegen herzieningsbeschikkingen geen beroep openstaat, omdat belanghebbende deze bezwaren rechtsgeldig heeft ingetrokken. Hierdoor zijn de beroepen tegen de herzieningsbeschikkingen niet-ontvankelijk verklaard.
Daarnaast zijn de beroepen tegen de navorderingsaanslagen en aanslagen over 2008, 2009, 2010 en 2011 niet-ontvankelijk wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding. Belanghebbende heeft niet aannemelijk gemaakt dat het beroepschrift tijdig is verzonden of dat de termijnoverschrijding verschoonbaar is.
De rechtbank legt geen proceskosten op en wijst de beroepen af wegens niet-ontvankelijkheid. Partijen kunnen binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch.
Uitkomst: De beroepen tegen de belastingaanslagen zijn niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding en intrekking van bezwaren.