Eiseres maakte bezwaar tegen het besluit van het college van Breda om een omgevingsvergunning te verlenen voor het verbouwen en uitbreiden van het Mencia de Mendozalyceum en de Internationale School Breda, inclusief het kappen van twee bomen op de Mendelssohnlaan 1.
Zij voerde aan dat de locatie ongeschikt is vanwege overbelasting van de infrastructuur, parkeerproblemen, verlies van privacy en woongenot, en dat alternatieve locaties onvoldoende zijn onderzocht. De rechtbank oordeelde dat het college voldoende onderzoek had gedaan naar alternatieven en dat het bouwplan binnen het bestemmingsplan past.
De rechtbank stelde vast dat het college terecht ontheffing verleende voor de parkeervoorzieningen en dat de bezwaren over woon- en leefklimaat geen rol spelen bij de gebonden vergunningverlening. Ook het kappen van de bomen werd gerechtvaardigd vanwege een zwaarwegend algemeen belang en een goede integrale afweging.
Het beroep werd ongegrond verklaard en een proceskostenveroordeling werd afgewezen.