Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van 22 mei 2017 van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres] , te [plaatsnaam] , eiseres,
Procesverloop
Overwegingen
“[leeftijd]-jarige vrouw die werd aangehouden wegens rijden onder invloed op 8 januari 2016 met een AAG van 1065 ug/l resp. een BAG van
vermoedelijkmeer dan 3 moet zijn geweest; dat promillage is niet vastgesteld en betreft slechts een aanname. Voorts is ook deze stelling niet nader onderbouwd. Uit internetinformatie van het Trimbos instituut en Jellinek zou overigens kunnen worden afgeleid dat eerst bij een promillage van 4 sprake zou kunnen zijn van coma, de rechtbank constateert dat de deskundige meningen op dit punt kennelijk verschillend zijn.
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- herroept het primaire besluit;
- draagt het CBR op het betaalde griffierecht van € 168,- aan eiseres te vergoeden;
- veroordeelt het CBR in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 2.475,-.