ECLI:NL:RBZWB:2017:7928
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling gefingeerd dienstverband en intrekking WIA-, ZW- en Wazo-uitkeringen
Eiseres maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om haar WIA-, ZW- en Wazo-uitkeringen in te trekken en terug te vorderen wegens een gefingeerd dienstverband bij uitzendbureau Areka.
De rechtbank stelde vast dat de feiten die door de Centrale Raad van Beroep waren vastgesteld, in beginsel konden worden betrokken bij de beoordeling. Uit diverse stukken, waaronder arbeidsovereenkomsten, bankafschriften en verklaringen van medewerkers, bleek onvoldoende bewijs dat eiseres daadwerkelijk bij Areka had gewerkt. Onderzoek naar de inleners MEO, ING en RAI toonde geen aanwijzingen dat eiseres daar werkzaam was.
De rechtbank oordeelde dat eiseres de inlichtingenplicht had overschreden en dat het UWV terecht de uitkeringen had ingetrokken en teruggevorderd. De vrijspraak van de echtgenoot van eiseres in een strafzaak deed hieraan niet af. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking en terugvordering van de uitkeringen wordt ongegrond verklaard.