Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van de meervoudige kamer van 27 juni 2019 in de zaak tussen
[naam eiser] , te [naam woonplaats] , eiser
de staatssecretaris van Financiën, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- herroept het primaire besluit, bepaalt dat de staatssecretaris aan eiser een eenmalige functionele mobiliteitstoeslag dient te verstrekken en bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde bestreden besluit;
- draagt de staatssecretaris op het betaalde griffierecht van € 170,- aan eiser te vergoeden;
- veroordeelt de staatssecretaris in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 2.048,-.
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 27 juni 2019.
Wat kunt u doen als u het niet eens bent met deze uitspraak?
Bijlage
- de plaatsing in een functie van een ambtenaar op grond van artikel 57, tweede lid, onder a, van het ARAR;
- de overplaatsing naar een andere functie door de dienst, omdat de betrokken ambtenaar in de oude functie niet goed functioneerde;
- het opdragen van andere taakelementen in de eigen functie;
- het opdragen van andere werkzaamheden in het kader van een geldende loopbaanregeling;
- het volgen van een startopleiding voor een groepsfunctie, voorafgaande aan de benoeming in die groepsfunctie;
- de terugplaatsing naar de oude organisatorische eenheid na onvoldoende studieresultaten tijdens een opleiding;
- het tijdelijk opdragen van andere werkzaamheden (waaronder interim functievervulling).
- sprake moet zijn van een andere functie waarbij het belang van de dienst is gelegen in het opdragen van juist die andere functie en/of van geografische mobiliteit;
- geen sprake moet zijn van een salarisverhoging als gevolg van de functiewisseling, ingaande op de datum van die functiewisseling.