Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Beslissing
2.Gronden
€ 21.717+
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Belanghebbende diende een aanvraag in voor een omgevingsvergunning voor het vergroten van zijn woning door middel van een aanbouw en opbouw. De gemeente Tilburg legde leges op van € 2.272,45, gebaseerd op de bouwkosten van de gehele verbouwing.
Belanghebbende betwistte de leges, stellende dat de kubieke meters van de aanbouw niet mee mochten tellen omdat deze vergunningsvrij zou zijn. De rechtbank stelde vast dat de aanvraag betrekking had op de gehele verbouwing en dat de heffingsambtenaar daarom terecht leges heeft geheven over alle onderdelen, ook de niet-vergunningsplichtige.
De rechtbank vond dat de bestaande bebouwing grotendeels was afgebroken en dat de berekening van de bouwkosten volgens de geldende tarieventabel correct was toegepast. Tevens oordeelde de rechtbank dat er geen rechtstreeks verband vereist is tussen de hoogte van de leges en de omvang van de gemeentelijke diensten, en dat de kostendekkendheid van de legesverordening als geheel aan de wettelijke eisen voldeed.
Gelet op deze overwegingen verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en bevestigde de aanslag leges tot het juiste bedrag. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslag leges van € 2.272,45 wordt ongegrond verklaard en de legesheffing bevestigd.