Eiser ontvangt sinds 2011 een bijstandsuitkering en is sinds 2014 als zelfstandige ingeschreven voor kleding- en meubelreparaties. Het college van burgemeester en wethouders van Tilburg heeft het recht op bijstand ingetrokken per 1 december 2018 en de teveel ontvangen bijstand teruggevorderd, omdat eiser geen deugdelijke administratie bijhield en geen volledige financiële gegevens verstrekte.
Tijdens een onderzoek in 2019 bleek dat eiser contante betalingen ontving zonder facturering en administratie, waardoor het college het recht op bijstand niet kon vaststellen. Eiser voerde aan dat hij slechts één keer voor een particulier werkte en dat er sprake was van een misverstand vanwege taalproblemen, maar de rechtbank oordeelde dat hij tijdens het spreekkamergesprek geen taalproblemen toonde en dat zijn verklaringen inconsistent waren.
De rechtbank stelde vast dat het college zorgvuldig onderzoek had verricht en dat eiser zijn inlichtingenplicht had geschonden. Hierdoor was het recht op bijstand terecht ingetrokken en de bijstand over de periode van 1 december 2018 tot en met 30 juni 2019 terecht teruggevorderd. Er waren geen dringende redenen om van terugvordering af te zien. Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard.