ECLI:NL:RBZWB:2020:1815
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsuitkering wegens onvoldoende inzicht in inkomsten kunstenaar
Eiser vroeg bijstand aan bij Werkplein Hart van West-Brabant, maar zijn aanvraag werd afgewezen omdat hij geen inzicht gaf in zijn inkomsten uit de verkoop van schilderijen. Werkplein stelde dat eiser zijn inlichtingenplicht niet was nagekomen en dat er signalen waren van commerciële activiteiten zonder onderbouwing.
Eiser voerde aan dat hij een autisme spectrumstoornis heeft en dat tijdens het gesprek met Werkplein geen rekening werd gehouden met zijn medische situatie. De rechtbank oordeelde echter dat er wel degelijk rekening was gehouden met zijn stoornis en dat het gesprek vrij en zonder dwang plaatsvond. Eiser had ook de mogelijkheid iemand mee te nemen.
Tijdens het onderzoek bleek dat eiser geen administratie bijhield van zijn kunstactiviteiten en onvoldoende bewijsstukken overlegde. Werkplein kon daardoor niet vaststellen of eiser recht had op bijstand. De rechtbank volgde Werkplein hierin en oordeelde dat het onderzoek niet onzorgvuldig was en dat de afwijzing terecht was.
De rechtbank wees erop dat een latere toekenning van bijstand door een andere gemeente betrekking had op een andere periode en andere gegevens, waardoor Werkplein daaraan niet gebonden was. Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de bijstandsuitkering wordt ongegrond verklaard omdat eiser onvoldoende inzicht gaf in zijn inkomsten.