Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
Van een gedraging in de sfeer van de rechtspersoon kan volgens de Hoge Raad sprake zijn indien zich een of meer van de navolgende omstandigheden voordoen:
a) het gaat om een handelen of nalaten van iemand die hetzij uit hoofde van een dienstbetrekking hetzij uit anderen hoofde werkzaam is ten behoeve van de rechtspersoon;
b) de gedraging past in de normale bedrijfsvoering of taakuitoefening van de rechtspersoon;
c) de gedraging is de rechtspersoon dienstig geweest in het door hem uitgeoefende bedrijf of in diens taakuitoefening;
d) de rechtspersoon vermocht erover te beschikken of de gedraging al dan niet zou plaatsvinden en zodanig of vergelijkbaar gedrag werd blijkens de feitelijke gang van zaken door de rechtspersoon aanvaard of placht te worden aanvaard.
Op grond van dat alles kan worden geconcludeerd dat de strafbare gedraging zich binnen de invloedssfeer van [Naam 2] heeft voorgedaan en kan die redelijkerwijs aan deze rechtspersoon worden toegerekend.
[Naam 2] kan als professionele marktdeelnemer worden betiteld, die zich bezig heeft gehouden met het transport en de ontvangst en opslag van accijnsgoederen. Daarom mag van haar worden verwacht dat haar leiding bekend is met de voor haar relevante wet- en regelgeving en vergunningsvoorwaarden ter zake van accijnsgoederen en de zorg en verantwoordelijkheid draagt dat binnen de onderneming ook wordt gehandeld conform die wetten en voorwaarden. Zeker gezien de haar verleende status van geregistreerd bedrijf. Dat is niet gebeurd. Dit aspect duidt op (voorwaardelijk) opzet aan de zijde van [Naam 2]
Tevens heeft de rechtbank hierbij betrokken dat het opzet van een natuurlijk persoon, voorwaardelijk opzet daaronder begrepen, aan een rechtspersoon kan worden toegerekend. Hieronder zal worden uiteengezet dat sprake is van opzet bij verdachte, zodat ook om die reden kan worden gesteld dat [Naam 2] opzet heeft gehad op de verboden gedraging.
(en
)als genoemd in doc-022),
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.Het beslag
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan de onder 2 primair en 3 primair en subsidiair tenlastegelegde feiten;
15 maanden;
10.Bijlage II
/alcoholische dranken namens [Naam 2] ) Ik kreeg de opdracht van [Verdachte]
.