Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag voor een maatwerkvoorziening onder de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo). De rechtbank heeft het beroep versneld behandeld en zonder zitting besloten op basis van de stukken.
De kern van het geschil betreft de vraag of er sprake is van een aanvraag en of het college in gebreke is gebleven met het nemen van een besluit. Het college stelde dat het formulier van 7 oktober 2020 slechts een melding was en geen aanvraag, waardoor de beslistermijn niet is gestart. Pas op 21 februari 2021 is volgens het college een aanvraag ingediend.
De rechtbank oordeelt dat de beslistermijn pas op 21 februari 2021 is gaan lopen en dat er geen geldige ingebrekestelling is gedaan die aan de wettelijke vereisten voldoet. Hierdoor is het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.