ECLI:NL:RBZWB:2021:258
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek terugkomen op besluit en toekenning Wajong-uitkering
Eiseres heeft op 19 september 2012 een aanvraag ingediend voor een Wajong-uitkering, welke op 29 oktober 2012 werd afgewezen omdat zij op haar 17e verjaardag geen beperkingen had. In 2019 diende zij een nieuw verzoek in om terug te komen op dit besluit en alsnog een uitkering toe te kennen. Het UWV wees dit verzoek af omdat eiseres geen nieuwe feiten of omstandigheden had aangevoerd die relevant waren voor de periode tussen haar 17e en 18e verjaardag.
Eiseres stelde dat het onderzoek door de verzekeringsarts onzorgvuldig was en dat zij nieuwe medische informatie had overgelegd. De rechtbank oordeelde dat deze stukken niet betrekking hadden op de relevante beoordelingsperiode en bovendien grotendeels al bekend waren bij het UWV. Daarnaast was het verzoek voor de toekomst onvoldoende gemotiveerd in de bezwaarprocedure, waardoor deze stukken niet in behandeling konden worden genomen.
De rechtbank stelde vast dat eiseres geen beroep kon doen op de Amber-bepaling omdat zij op haar 17e verjaardag geen beperkingen had en dat de vermeende toegenomen klachten buiten de termijn van vijf jaar vielen. Gezien deze omstandigheden werd het beroep ongegrond verklaard en werden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en het verzoek om terug te komen op het eerdere besluit en toekenning van een Wajong-uitkering wordt afgewezen.