ECLI:NL:RBZWB:2021:2873
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring bijstandsuitkeringsaanvraag wegens griffierecht
Opposant heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van zijn bijstandsuitkeringsaanvraag, maar de rechtbank verklaarde dit beroep niet-ontvankelijk omdat het griffierecht niet was betaald.
In het verzet betoogt opposant dat hij geen inkomen heeft en dat de administratie verwarrend is. De rechtbank oordeelt dat de niet-ontvankelijkverklaring ten onrechte buiten redelijke twijfel is gesteld, omdat opposant betalingsonmacht heeft verklaard en geen bewijsstukken hoefde te overleggen.
De rechtbank stelt dat zij bij twijfel nadere gegevens had moeten opvragen of de Raad voor Rechtsbijstand had kunnen verzoeken een inkomensverklaring af te geven, wat niet is gebeurd. Daarom wordt het verzet gegrond verklaard, de eerdere uitspraak vervalt en wordt het onderzoek hervat.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Indien het beroep op betalingsonmacht slaagt, zal de zaak op een zitting worden behandeld. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard en het onderzoek naar de bijstandsuitkeringsaanvraag wordt hervat.